|
Cervicale Dysplasie (Baarmoederhalskanker)
Bij 99.7% van de patiënten met baarmoederhalskanker wordt DNA van een humaan papilloma virus aangetroffen in de tumor2. Maar het is onduidelijk of dit een oorzaak of een gevolg is (zie Tegenstand).
Er zijn wetenschappers die van mening zijn dat het Humaan Papilloma Virus tot een infectie kan leiden die cellen in het slijmvlies op de grens van de baarmoederhals en baarmoedermond kan veranderen tot afwijkende cellen waardoor baarmoederhalskanker kan ontstaan. In 90% van de gevallen herstelt het lichaam dit zelf weer binnen de 6 tot 14 maanden3. Als dit niet lukt en het aantal afwijkende cellen toeneemt, kan na verloop van tijd een voorstadium van baarmoederhalskanker ontstaan. Het proces van een eerste afwijkende cel (via een voorstadium) naar kanker verloopt heel langzaam en neemt 10 tot 15 jaar in beslag. De voorstadia (Cervicale Intra-epitheliale Neoplasie of CIN genaamd) zijn doorgaans goed te behandelen door middel van een beperkte chirurgische ingreep.4 |